h1

frame 86 | nobody escapes (jules dassin zei het al in 1947…)

15 november 2011
Brute Force

Brute Force | Jules Dassin, 1947

De inhoud van een gevangenisfilm is altijd “vrijheid”. Elke gevangenisfilm gaat over “het systeem” en elke film-gevangenis is een mini-maatschappij. Meestal voltrekt zo’n film zich in een eenduidig vrij vs. onvrij paradigma: de gevangenis weerspiegelt de vermeende onderdrukking en het geweld van de reële maatschappij, maar ergens – zo impliceert het paradigma – is er een natuurlijke, originele maatschappelijke staat: de staat van vrijheid. De necessary illusion ligt zodoende, zou je kunnen zeggen, in het externaliseren van de dichotomie: de geïmpliceerde vrijheid ligt buiten de gevangenis, dwz buiten de film (buiten het kader).

Zoals The Matrix een nostalgische (of zelfs reactionaire) film is, omdat ze een klassieke waarheid impliceert (namelijk degene die onder de matrix verscholen ligt en die door hard werk van Neo bloot te leggen zou zijn), zo zijn gevangenisfilms vrijwel zonder uitzondering ideologische propaganda. De vrijheidsberoving en machtscorruptie in de gevangenis worden ideologisch ingebed in de (geëxternaliseerde, dus onzichtbare) aannames over de vrijheid van het individu die buiten de film liggen (en dus door de kijker – dwz door ideologie – worden ingevuld). De metaforische betekenis van de gevangenisfilm betrekt zich dus op een mogelijkheid en impliceert een afgebakende keuze: vrij versus onvrij. Die keuze wordt vanzelfsprekend gepersonifieerd. Met andere woorden: het is geen keuze tussen systemen, er zijn geen alternatieven (je kan niet zeggen: ‘de gevangenis vind ik op zich oké, maar ik zou willen dat het allemaal iets beter geregeld was’), maar een absolute en persoonlijke keuze. Er is altijd één gevangene die wil ontsnappen, er is altijd één cipier/ directeur/ mede-gevangene die machtscorruptie of onderdrukking vertegenwoordigt, etc. Het idee van de samenleving verdwijnt aldus en alles wordt de persoonlijke verantwoordelijkheid van de gevangene (zijn onvrijheid net zo goed als de vrijheid die hij probeert te bereiken).

Nu ook begrijpen we dat “het systeem” dat door de gevangenis wordt uitgebeeld niet zomaar voor “de samenleving” staat, maar vooral voor het ideologische fundament ervan. En dat alle gevangenisfilms (op usual suspects als Bresson na natuurlijk) met al hun metonymische implicaties (de meedogenloze directeur staat voor het systeem, de onschuldige gevangene staat voor de hardwerkende en uitgebuite burger, de opportunistische mede-gevangene staat voor de stilzwijgende instemming van de silent majority met het geweld van het systeem, etc) in werkelijkheid een ideologische ondersteuning zijn, en geen kritiek of oordeel in zich dragen.

Ja, je kan ontsnappen aan letterlijke vrijheidsberoving, maar aan de tucht van het mondiaal neoliberaal kapitalisme (… of vul in al naar gelang het tijdsgewricht waarin je leeft) is geen ontsnapping mogelijk. Immers: wat kunnen Clint Eastwood en Tim Robbins anders doen dan een credit card aanvragen en gaan shoppen? (Maar dat laten Escape from Alcatraz en The Shawshank Redemption natuurlijk niet zien.) Wat kunnen ze met hun individuele “vrijheid” in de vrije samenleving, die niet getoond wordt maar alleen geïmpliceerd door de valse tegenstelling met onvrijheid? Ja, ze kunnen naar een maagdelijk eilandje in de oceaan zwemmen of een oude schat opgraven zodat ze voor hun oude moedertje kunnen zorgen (want dat doet de overheid niet meer).

Maar nee – we kunnen niet ontsnappen. Dat is iets anders dan een gevangenisfilm waarin de ontsnapping mislukt. Het punt is dat ontsnapping überhaupt niet mogelijk is. Daar hoeven we de krant maar voor open te slaan. Of naar de tv te kijken, zoals naar de ondernemers die vorige week bij Pauw & Witteman kwamen betogen dat ze 1.) de werklust en arbeidsuren van Chinese fabrieksarbeiders zo bewonderen en 2.) CAO’s maar lastige dingen vinden, omdat ze zich dan de markt niet in kunnen vechten. Dat de oplossing voor de crisis inderdaad gezocht wordt in een frontale aanval op fundamentele (maar geëxternaliseerde) sociale en economische “vrijheden” is intussen wel evident.

Aldus, Jules Dassin zei het al in 1947:

Wat vooraf ging: na een grootscheepse, maar mislukte ontsnappingspoging wordt gevangene Calypso in zijn cel opgelapt door de sympathieke maar cynische gevangenisarts Dr. Walters.

CALYPSO That hurt doc! That hurt plenty.
DR. WALTERS This place is full of pain, Calypso. You’re hurt. And Collins… And the others… All those others… Why do they do it? They never get away with it. Alcatraz, Atlanta, Leavenworth… It’s been tried in a hundred ways from as many places. Always failed. But they keep trying… Why do they do it?
CALYPSO I don’t know, doc. But whenever you got men in prison, they gonna want to get out.
DR. WALTERS But they learn. They MUST!
[Stilte. Dr. Walters kijkt door de tralies naar buiten]
DR. WALTERS Nobody escapes. Nobody ever really escapes.

~ meer Brute Force in frame 50

Advertenties

reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s