h1

frame 54 | leeg frame

31 augustus 2008
Warum läuft Herr R. Amok?

Warum läuft Herr R. Amok? | Rainer Werner Fassbinder, 1970

De huiskamer van Kurt Raab, hoofdpersoon van Warum läuft Herr R. Amok? Nadat Kurt Raab amok heeft gemaakt (dwz zijn zoontje, zijn vrouw en haar vriendin heeft doodgeslagen) verdwijnt hij in de aangrenzende kamer – laten we het de slaapkamer noemen. De camera blijft nog eventjes in de lege huiskamer dralen, heel langzaam zoomt hij een stukje in op de bank, alsof hij zich even geen raad weet met de situatie. De bank, waar net zijn vrouw en haar vriendin nog zaten, is nu leeg. De huiskamer, waar net Kurt Raab nog was, is nu verlaten. In de achtergrond wordt er zometeen een zwart jasje op de witte stoel in het frame van de deurpost gegooid. Daarna een zwarte broek. Dan gaat het licht in de zijkamer uit: Kurt Raab gaat slapen.

Fassbinder laat zijn camera in de leegte van de huiskamer hangen en ontneemt ons het beeld van Kurt Raab, die net een driedubbele moord heeft gepleegd en nu gaat slapen. Dat doet Fassbinder eigenlijk steeds, vooral in deze film, maar ook in zijn andere films: ons, de kijkers, het drama ontnemen waar wij zo op hopen, waar wij ons aan verlustigen, waartoe wij veroordeeld zijn (of: geconditioneerd) door het medium. Fassbinder de-dramatiseert.

Dat betekent niet dat Warum läuft Herr R. Amok? een film zonder drama is – er is juist heel groot drama. Maar Fassbinder dwingt ons onze conventionele opvatting van filmdrama te vervangen door een ander soort drama. Niet de driedubbele moord is het drama, maar al het andere: een leven van niets, een betekenisloos en onzichtbaar mens, de oppervlakte, de bovenlaag van het alledaagse.

Dat is wat de film dramatiseert; het alledaagse, de oppervlakte van de banaliteit. Alle scènes in de film zijn gevuld met banale handelingen: Kurt Raab gaat een plaat kopen, hij helpt zijn zoontje bij zijn huiswerk, hij wordt dronken op een bedrijfsfeestje, zijn schoonouders komen op bezoek, een jeugdvriend komt op bezoek. Zelfs Raabs gruwelijke daad wordt door Fassbinder als een alledaagse beslommering in beeld gebracht.

Daaronder broeit en lurkt een hele, smerige wereld aan emoties, maar die is onbereikbaar door representatie. Of beter gesteld – alleen bereikbaar via de representatie van de fictie (maw: film). En Fassbinder weigert mee te gaan in dat leugenachtige repertoire, waarin causaliteit en identiteit het inherente tekort van de representatie moeten opvullen. (in de zin van: oh, hij is misbruikt in zijn jeugd, daarom doet hij nu… / hij is nu eenmaal zo’n soort mens, daarom doet hij nu…)

Nee, bij Fassbinder is dit frame, deze lege huiskamer, het drama. Dit is namelijk alles wat we kunnen zien. We zien de huiskamer, maar het drama speelt zich af daarachter, in de slaapkamer – en dat is dus het drama. Fassbinder laat ons met deze lege huiskamer weten dat Kurt Raab een mens is die niet gemist zal worden. Zoals ook zijn vrouw en zoontje mensen waren die niet gemist zullen worden. De lege huiskamer, net nog vol van leven, is in feite een huiskamer zoals alle huiskamers altijd zullen zijn, een onverschillige getuige, een onveranderlijke oppervlakte. Het is onze huiskamer, het is een huiskamer van vrienden, waar je bij binnenkomst immers ook niet weet of zich daar net misschien een ruzie of enig ander drama heeft afgespeeld.

Het film-frame is een representatie van de werkelijkheid. En in de frames van Warum läuft Herr R. Amok? zien we voornamelijk niets. Het zijn lege frames. Dat betekent niet dat Fassbinder de werkelijkheid als leeg of onvolledig ziet. Hij trekt alleen de conclusie uit het obvious verschil tussen werkelijkheid en representatie: dat representatie altijd onvolledig is, omdat een mens niet in representatie gevat kan worden. Waarom maakt Kurt Raab amok? Dat zullen we nooit helemaal weten – en dat is precies het punt dat Fassbinder maakt. Het gaat er niet om Kurt Raab te begrijpen, maar om te begrijpen dat Kurt Raab niet ís te begrijpen – althans niet door representatie, niet door fictie, niet door conventionele dramatische causaliteit, kortom: niet door film.

Fassbinder doet dus iets anders dan filmers als Antonioni, Godard etc. De klassieke art-film auteurs, de intellectuele regisseurs, stellen een andere opvatting van drama en narrativiteit in plaats van de conventionele opvatting. In Warum läuft Herr R. Amok? verschuift Fassbinder het drama. Hij laat je als kijker zelf tegen de beperkingen van klassieke drama opvattingen oplopen. De film frustreert enorm, zolang je ernaar kijkt met de routine van de psychologische causaliteit, die 99 procent van alle films kenmerkt. Maar als je dan ontdekt dat de titel eigenlijk geen vraag maar een antwoord is, verleg je je eigen dramatische verwachtingen, je verlegt je eigen kijk-kader, oftewel: je verlegt je eigen frame. Zo worden de lege frames opgevuld.

Advertenties

reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s