
frame 39 | metaframe 01
17 juli, 2008De projectionist staat op een ladder om een luidspreker achter het filmdoek te monteren. Zijn metgezel doet een bouwlamp aan – en ziedaar: de geboorte van de cinema. In vorm, maar ook in haar elementaire inhoud: de kinderen in de zaal vermaken zich waarschijnlijk beter met het primitieve slapstick schaduwspel dan met de derderangs kinderfilm die vertoond zou worden.
Maar Wim Wenders laat de geboorte van de cinema tegelijk haar einde zijn. Of de film überhaupt nog vertoond wordt, krijgen we niet te zien. Aan het einde van Im Lauf der Zeit legt Wenders het ons uit in de woorden van een bioscoopeigenaar die haar bioscoop weliswaar open houdt, maar geen films meer vertoont. Omdat, in haar woorden, films alleen nog maar uitbuiting zijn van “alles wat er in de ogen en hoofden van mensen überhaupt nog uit te buiten valt”. Ze weigert films te vertonen waar de toeschouwers alleen nog betoverd worden door domheid en waarin alle levenslust vernietigd wordt.
Haar laatste woorden (en de laatste woorden in de film) zijn: “Aber so wie es jetzt ist, ist es besser es gibt kein Kino mehr, als das es ein Kino gibt sowie es jetzt ist.”
Geplaatst in metaframes |
